
Zonnestroom van eigen dak is in Nederland binnen twaalf jaar goedkoper dan elektriciteit uit het stopcontact, verwacht ECN-specialist Wim Sinke. In Zuid-Europa is het volgend jaar al zo ver. Hoe snel de opmars van de zonnepanelen zal gaan, hangt vooral van de politiek af.
“Voor de cijfers tot 2030 durf ik mijn hand wel in het vuur te steken”, aldus Wim Sinke, hoogleraar duurzame energie in Utrecht en onderzoeker bij het Energie Onderzoekscentrum Nederland (ECN). Hij noemt zichzelf een zonne-energieadept, “maar ik zal proberen objectieve informatie met u te delen.”
Sinke laat een tabel zien met de verwachte prijs van stroom uit zonnepanelen. Die gaat volgens zijn prognose van 51 cent per kilowattuur nu, via 26 cent in 2020 naar minder dan 11 cent in 2030. De huidige consumentenprijs van stroom uit fossiele bronnen is zo’n 23 cent, en zal eerder stijgen dan dalen.
Deze voorspellingen gaan uit van een optimaal neergezet, maar niet met de zon mee bewegend, zonnepaneel dat 25 jaar meegaat. Alle installatie- en onderhoudskosten zijn meegerekend, eventuele subsidie niet. “Als je wel subsidie kunt krijgen, is het nu al rendabel, want daardoor wordt het verschil met de prijs van netstroom gecompenseerd. Op de lange duur heb je vrijwel gratis stroom. Zo’n zonnepaneel gaat meestal namelijk wel langer mee dan 25 jaar.”
Dat de prijzen blijven dalen, komt door schaalvergroting in de industrie en door technische verbeteringen. Het gaat al meer dan dertig jaar zo, zegt de expert: “Ruwweg zie je al sinds de jaren zeventig bij elke verdubbeling van de productiecapaciteit een prijsdaling van 22 procent.” En dat wil wat zeggen. De wereldproductie is tussen 2003 en 2008 vervijfvoudigd.
Economische crisis
Waarschijnlijk zwakt de productiegroei vanwege de economische crisis tijdelijk af, maar de ontwikkeling is nog lang niet aan z’n eind, verkondigt Sinke. De capaciteit zal nog vaak verdubbelen, dus de kosten blijven dalen. Hij is niet de enige die er zo over denkt.
Sinke: “Volgend jaar bereikt Italië al het punt waarop zonnepanelen van kleingebruikers stroom leveren voor dezelfde prijs als energiebedrijven. Eerder dan Nederland, omdat de zon daar feller schijnt dan hier. De prijs duikt in Italië in 2030 naar minder dan zes cent, ruim onder de groothandelsprijs voor elektriciteit.” Die ligt zo’n drie keer lager dan de consumentenprijs.
De eerste generatie zonnepanelen, vorig jaar goed voor ruim 85 procent van de wereldomzet, wordt in 2030 niet meer verkocht, verwacht Sinke, al zullen deze op ‘wafer kristallijn silicium’ gebaseerde cellen nog wel lichter, handiger en goedkoper worden. Ze zullen voorbijgestreefd worden door nieuwe typen zonnecellen.
Bijvoorbeeld zeer dunne lagen glas, plastic of metaalfolie, waarop de halfgeleider die het werk doet (silicium, koper-indium-diselenide of cadmiumtelluride) direct is aangebracht. Of superefficiënte meerlaagscellen, waarop het licht eventueel met spiegels wordt geconcentreerd. Experimentele opstellingen kunnen al meer dan 40 procent van de energie uit licht omzetten in elektriciteit. Sinke: “Er zijn allerlei onderzoekslijnen. Het is dus niet erg als er eentje niet aan de verwachtingen voldoet.”
Energie terugverdienen
Het klinkt bijna te mooi om waar te zijn. Zijn er ook obstakels? Jawel, zegt Sinke, “maar die zijn minder groot dan vaak wordt gedacht. De energie die het kost om zonnecellen te maken, is bijvoorbeeld in tweeënhalf jaar terugverdiend, en straks, dankzij nieuwe technieken, in een paar maanden. Netto bespaar je dus een hoop CO2-uitstoot.”
En de timing? Heeft een land vol zonnecellen niet te veel stroom wanneer de zon schijnt en te weinig als het bewolkt is? Met de goede maatregelen niet, aldus Sinke, al vindt hij het geen goed idee om helemaal afhankelijk te zijn van de zon.
Energie kan worden opgeslagen in accu’s – eventueel die van elektrische auto’s – of grote persluchtinstallaties, of er kan waterstof mee worden geproduceerd, die later als brandstof kan dienen. Sinke ziet veel in een eigen accu voor ieder huishouden, in combinatie met een slimme meter die zelf bepaalt wanneer er stroom verkocht of ingekocht moet worden voor een maximaal rendement. De regels moeten daarvoor wel veranderen, want nu kun je als consument je stroom niet op de markt verkopen.
Elektriciteitsnet op de schop
En er is nog iets nodig. Het elektriciteitsnet zal op termijn flink moeten worden aangepast, om te zorgen dat al die mini-energiecentrales de boel niet in de war sturen én om de aanvoer van zonnestroom van het zuiden naar het noorden mogelijk te maken.
Sinke wijst op een recent rapport van de Europese zonne-industrie, waarin betoogd wordt dat de EU in 2020 bij ongewijzigd beleid zo’n 4 procent van de elektriciteit uit zonnecellen haalt, maar dat het met flinke investeringen in het net kan oplopen tot 12 procent, waarna het snel verder zal toenemen.
In de Europese politiek wordt zonne-energie vooral als een optie voor de langere termijn gezien, voor na 2020. Fout, vindt Sinke. “Zonnepanelen kunnen al eerder een groot deel van de elektriciteit gaan opwekken, ook in Nederland.” In combinatie met zonneboilers voor warm water en grote zonnecentrales in zuidelijke landen kan de zon zelfs de voornaamste energiebron worden.
Elmar Veerman
do, jul 16, 2009
Wetenschap en Natuur